In het ambacht van de Vier Gekroonden waren metselaars, beeldhouwers, steenhouwers en schaliedekkers verenigd. Het ambacht was vernoemd naar haar patroonheiligen, de Vier Gekroonde Martelaren (feestdag 8 november). In 1796, onder het Franse bewind, werden de ambachten afgeschaft en in 1798 werden hun bezittingen openbaar verkocht.
In het ambacht van de Vier Gekroonden waren metselaars, beeldhouwers, steenhouwers en schaliedekkers verenigd. Het ambacht was vernoemd naar haar patroonheiligen, de Vier Gekroonde Martelaren (feestdag 8 november). In 1796, onder het Franse bewind, werden de ambachten afgeschaft en in 1798 werden hun bezittingen openbaar verkocht.
Een velbloter is iemand die de wol van de schapevellen afhaalt, afsteekt of afplukt.In 1796, onder het Franse bewind, werden de ambachten afgeschaft en in 1798 werden hun bezittingen openbaar verkocht.
Smout- of olieslager: fabrikant van olie, inzonderheid van raap- en lijnolie; iemand die het bedrijf uitoefent van het slaan of persen van olie door middel van een oliemolen. In 1796, onder het Franse bewind, werden de ambachten afgeschaft en in 1798 werden hun bezittingen openbaar verkocht.
De oudkleerkopers hadden als activiteit het verhandelen van nieuwe of reeds gedragen en herstelde kledingstukken. Ze hadden hiervan het monopolie. In 1796, onder het Franse bewind, werden de ambachten afgeschaft en in 1798 werden hun bezittingen openbaar verkocht.
In 1796, onder het Franse bewind, werden de ambachten afgeschaft en in 1798 werden hun bezittingen openbaar verkocht.
Manufacturen: voortbrengselen van weverij: allerlei wollen, linnen, katoenen, zijden stoffen en daaruit gemaakte voorwerpen. Veelal fabrikanten van geweven stoffen. In 1796, onder het Franse bewind, werden de ambachten afgeschaft en in 1798 werden hun bezittingen openbaar verkocht.
Iemand die manden en allerlei andere voorwerpen vervaardigt uit voornamelijk wilgentwijgen. In 1796, onder het Franse bewind, werden de ambachten afgeschaft en in 1798 werden hun bezittingen openbaar verkocht.
In 1796, onder het Franse bewind, werden de ambachten afgeschaft en in 1798 werden hun bezittingen openbaar verkocht.
De eerste vermelding van een textielindustrie in Lier gaat terug tot het jaar 1274. De stedelijke lakennijverheid of 'draperie' werkte een doorgedreven arbeidsverdeling in de hand. Het productieproces van een kwaliteitslaken werd uitgesplits in meer dan dertig deelbewerkingen, gaande van het sorteren van de ruwe wol tot het vouwen van het laken. Met het charter van 1275 werd de gilde door de Brabantse hertog erkend, maar pas aan het einde van de 14de eeuw zal het als beroepsvereniging (ambacht) officieel worden erkend. Het Lierse laken was van hoge kwaliteit en werd verkocht in heel Europa. Door goedkopere concurrentie en minder vraag naar hoge kwaliteit kwam op het einde van de 15de eeuw een einde aan de bloei van de Lierse lakennijverheid. In 1796, onder het Franse bewind, werden de ambachten afgeschaft en in 1798 werden hun bezittingen openbaar verkocht.